GR10 – Dag 35 | Van Refuge de Batère naar La Fargassa

Jul 31, 2023 | GR10

Lieve allemaal!

Tijdens het lopen heb ik ongelooflijk veel tijd om te mijmeren. Over dingen als:

  • Wat er zo bijzonder is aan wandelen, waarom het zo heilzaam is
  • Wat alléén wandelen zo anders maakt dan met zijn tweeën
  • Hoe je om kunt gaan met de fysieke zwaarte van het wandelen
  • Waarom het voor vrouwen een extra uitdaging is om solo te gaan wandelen, en hoe je die barrière kunt doorbreken
  • Waarom in de natuur zijn zo heilzaam is
  • Hoe je kunt ‘wandelen zonder hoofd’
  • Hoe je de andere manier van leven en ervaren mee zou kunnen nemen naar ‘het gewone leven ‘
  • Wat er zo bijzonder is aan langere tijd in een tent leven
  • Wat er zo bijzonder is om langere tijd zonder ‘rol’ te leven, en alleen maar te ‘zijn’
  • Hoe het is om héél simpel te leven, met heel weinig spullen
  • Hoe belangrijk familie en vrienden zijn
  • Hoe je met de stroom mee kunt leven, in plaats van ertegenin te leven – en hoe het wandelen daarin leerzaam is
  • Hoe je kunt leren alles stap voor stap te doen
  • Hoe je beslissingen op intuïtie kunt nemen
  • Hoe belangrijk het is om alles te aanvaarden zoals het is (wat iets anders is dan het leuk of goed vinden)
  • Waarom contact maken en hulp vragen wezenlijk is
  • Hoe het is om langere tijd je moedertaal niet te spreken
  • Hoe het is om buiten een groep te staan
  • Wat je plaats is in het universum (tussen de stenen, planten, dieren en andere mensen)
  • Hoe bepalend en beperkend het alsmaar denken is
  • Waarom het belangrijk is om je af en toe helemaal los te koppelen van de maatschappij
  • Wat het zijn in de (semi)wildernis met je doet
  • Hoe belangrijk het is om van je plannen af te durven wijken
  • Hoe waardevol het is om je droom te volgen, ook al is die een beetje te groot.
  • Hoe waardevol het is om dingen klein te houden of klein te beginnen.
  • Hoe het is om door je voedselvoorraad heen te zijn. En hoe fijn het is dat je daarna gewoon weer nieuw eten kunt kopen.

Ik kan nog wel even doorgaan… 🙂

Jammer genoeg lukt het mij niet om met één vinger op een schermpje tikkend hier allerlei zinvolle dingen over op te schrijven . Voor het geval ik dat al kan :-)!

Maar wie weet komt het er nog eens van.


Zoals gezegd heb ik gisteren mijn tentje opgezet op een veldje met schapenpoep. Het rook zo onaangenaam dat ik nadat ik de eerste haring in de grond had geslagen nog dacht: zal ik proberen te liften, en gewoon beneden in het dal op de stadscamping gaan staan? Helemaal omdat ik net gehoord had dat morgen de weg naar beneden afgesloten zou zijn – en dat liften er dus helemaal niet in zou zitten.

En omdat ik wist dat morgen (vandaag dus) een lange etappe zou worden, had ik eigenlijk in mijn hoofd dat ik de eerste helft zou gaan liften, en alleen de tweede helft, weer de berg op zou wandelen.

Maar die eerste haring zat al in de grond, en op de een of andere manier heb ik tijdens deze tocht geleerd dat alles wel weer tot iets leidt dat de moeite waard is. En dat klopt ook, want had ik die eerste haring en weer uitgetrokken, dan had ik Daniel niet weer opnieuw ontmoet. En dat vond ik toch heel waardevol en leuk.

Hij zette een uurtje later zijn tent op, ik wist niet wat ik zag! Zoals ik gisteren al zei: heel bijzonder om dan iemand na zo’n lange tijd weer terug te zien. Kleine ontmoetingen kunnen heel betekenisvol zijn, omdat er maar zo weinig van zijn.

Gisteren schreef ik al dat ik was gaan eten in de berghut, en daar hoorde ik van Daniel dat er een aantal weken geleden iemand is omgekomen op de GR10.

Precies op het stuk dat ik vermeden had, omdat ik in de reisgids had gelezen dat de kalksteen in dat gebied heel glad kan zijn als het nat is. Er stond ook dat je goed de markeringen moest volgen, omdat het in dat kalksteengebergte makkelijk is om de weg kwijt te raken.

Gedeeltes van het kalksteen lossen namelijk door het water op, waardoor er labyrint-achtige steenformaties ontstaan. Ik ken dat soort landschappen wel van bijvoorbeeld de Ardèche. Maar daar heb je geen kloven van vele meters diep, En daar ben je dus ook niet zo snel in levensgevaar als je zou verdwalen. Maar dat is natuurlijk heel anders als je in de bergen rondloopt.

Juist op dit stuk is een man omgekomen omdat hij de weg was kwijtgeraakt, waarschijnlijk in paniek is geraakt en naar beneden is gevallen. Zo ontzettend triest.

Dit afschuwelijke voorval maakte me duidelijk dat het goed is dat ik steeds op mijn intuïtie ben afgegaan en stukken heb overgeslagen waar ik bang voor was.

In het begin vond ik dat een beetje slap van mezelf. Na een paar etappes begon ik al stukken over te slaan, ja zo kan iedereen de GR 10 wel lopen.

Maar na het verhaal van Daniel realiseerde ik me dat ik er heel wijs aan heb gedaan om steeds voor de meest veilige optie te kiezen. De bergen laten niet met zich spotten!

Ook realiseerde ik me dat het heel erg goed is dat ik een Garmin Inreach bij me heb. Dat is een apparaatje dat precies kan tracken waar ik ben, via een satellietverbinding.

Waar ik ook ben, of ik nu mobiel bereik heb of niet, ik kan steeds op een SOS-knop drukken, en dan worden de hulpdiensten gealarmeerd.

Het is triest om te bedenken dat zo’n apparaatje misschien het leven van deze man had kunnen redden.

Als je de weg kwijt raakt, en je durft niet meer terug, dan kun je bedenken: oké, ik blijf op deze plek zitten, ik druk op de knop en wacht op hulp. In plaats van dat je in paniek zelf de weg probeert terug te vinden en je steeds verder verdwaalt.


‘s Ochtends heel vroeg om 4:30 uur hoor ik een bekend bliepje. Het is mijn Garmin die me waarschuwt dat hij opgeladen wil worden. Help! Nu kan ik mijn energie zo goed gebruiken, en word ik door zoiets onbenulligs uit mijn slaap gehouden.

Het lukt me niet meer om in te slapen, en aangezien de wekker toch al om 6:00 uur staat, besluit ik dan maar eens heel vroeg te ontbijten, om 5:30 uur. Het is nog donker, maar op een gegeven ogenblik wordt het snel licht:

Voor deze ene keer ben ik eens eerder dan de rest op pad. Luid zingend loop ik de eerste kilometer op asfalt naar beneden. Er passeert toch een auto, dus ik steek mijn duim op, en de auto stop meteen.

Ik vraag of ik mee kan, en dat kan, alleen ze rijden de voor mij verkeerde kant op, dus het feest gaat niet door. Zoals ik al zei: in mijn nieuwe mindset realiseer ik me dat de dingen niet anders hoeven te lopen dan dat ze lopen, want alles leidt wel tot iets interessants.

Ik loop vrolijk verder over de asfaltweg, en heb een uitstekend humeur: het wordt een lange, zware dag, maar ik ben in elk geval als eerste weg!

Na een kilometer begint het echte bergpad. En daar realiseer ik me: ik ben mijn stokken vergeten! Dat betekent: die kilometer weer terug over het asfalt, en dan het zelfde stuk nog een keer van vooraf aan. Ai… Dit komt niet echt goed uit op zo’n heel lange etappe.

Nog steeds in een uitstekend humeur loop ik terug. Ondertussen passeer ik mijn mede-wandelaars Alain, Daniel en zijn vriend Marco.

Alweer ben ik de laatste :-).

Pas later realiseerde ik me, dat als ik die lift wel had gekregen, dat ik pas echt goed in de problemen had gezeten, want dan hadden mijn stokken boven gestaan, en had ik niet meer naar boven gekund omdat de weg is afgesloten. En zonder stokken kan ik mijn tent niet opzetten, en bovendien heb ik ze echt nodig bij het lopen. Vroeger vond ik wandelstokken maar flauwekul, maar mijn mening daarover heb ik helemaal bijgesteld.

Hoe dan ook, ik ben blij dat ik de lift niet heb gekregen. En zo wordt mijn theorie bevestigd dat je niet te snel moet roepen dat iets erg is. Want misschien speelt er wel iets anders, waar jij geen weet van hebt, dat maakt dat iets wat jij zelf erg vind eigenlijk heel goed is. Ik hoop dat het helder is wat ik bedoel.

Ik moet denken aan het bekende beeld van het geknoopte kleed, waarvan wij alleen de achterkant zien , die een grote rommel is van losse draden. Als je aan de voorkant zou kunnen kijken zie je de prachtige patronen. Maar aan de achterkant is het chaos.

Als je zo zou kunnen leven, dat je er op vertrouwt dat dat mooie patroon er wel is, ook al zie je het niet, dan wordt het leven een heel stuk makkelijker. Het lijkt wel alsof het wandelen mij dat een beetje aan het leren is. Nu maar hopen dat ik dat thuis een beetje zo kan blijven voelen!

Ik loop het dal in de richting van Arles sur Tech. Ik heb uitgezocht dat de winkel om 12:30 uur sluit, dus ik moet er flink de pas inzetten om hem te halen.

Om precies te zijn, ik moet me echt haasten. Vier uur lang loop ik zonder te stoppen door, eigenlijk jammer, want het landschap is schitterend.

Gelukkig ben ik net op tijd voor de winkel – waar ik er achter kom dat deze tegenwoordig tussen de middag niet meer sluit…

Als ik met mijn boodschappen de winkel uitkom zie ik daar Alain, Marco en Daniel op een bankje zitten. Gezellig! We drinken nog koffie bij een restaurant, En we gaan weer op pad, iedereen in zijn eigen tempo. Zoals gebruikelijk loop ik ver achteraan…


Twee dagen geleden schreef ik dat het landschap wat makkelijker werd om in te lopen. Streep dat allemaal maar weer door. Klopt helemaal niets van!

Ik denk dat het een geval van wishful thinking was, want eigenlijk had ik het al kunnen weten. Brian, de schrijver van de reisgids, schreef immers al: ‘ the mountains are getting lower, but if anything they are getting steeper.

En hij had gelijk.

Deze dag is misschien wel de zwaarste dag van de hele GR10 tot nu toe. Hij is ook spectaculair mooi. Op een andere manier dan in de hoge Pyreneeën. Daar heb je de hele tijd fantastische vergezichten. Hier zit je meer midden in het landschap, tussen de rotsen en middenin het steile hellingbos.

Een hele tijd geleden vertel ik over de ‘steen-steen-steen methode. Als ik het zwaar had ging ik mijn aandacht richten op de kleine dingen, de stenen, de grasjes en de koeienvlaaien.

Nu kwam daar een tweede methode bij, en ik ben vast niet de eerste die dit bedacht heeft. Ik noem het even de stoomlocomotief-methode.

Daarbij kies ik een vaste ritme waarin ik mijn voeten verplaats. Als het steil wordt, dan neem ik kleinere stapjes, maar ik verbreek het ritme niet.

Daarbij beeld ik me in, dat mijn benen en voeten samen met mijn stokken een soort stoomlocomotief vormen die me als vanzelf naar boven brengt. Ik hoef er niet over na te denken, dat doet de locomotief voor mij. Als ik maar wel lang genoeg wacht, dan komt de locomotief vanzelf een keertje boven aan.

Daarbij komt het volgende: ik schroef mijn hoofd eraf. Zo stel ik me het voor, ik doe net alsof ik geen hoofd meer heb, zodat die de stoomlocomotief niet meer in de weg kan zitten.

Het mooie is, dat ik zonder hoofd het landschap juist veel meer ervaar. Mijn gedachten zitten er niet meer zo tussen, zoals: oh, wat is dit zwaar, oh, hoelang duurt het nog, oh, dit kan ik niet aan, oh, wanneer ben ik nou boven, oh, de GR 10 is te zwaar voor mij.

Zonder hoofd wordt mijn waarneming heel ruim, en word ik meer zelf onderdeel van het landschap. De schoonheid van mijn omgeving komt meer bij me binnen. Dat is fantastisch. En dat in combinatie met de stoomlocomotief die me als vanzelf naar boven brengt: het werkt uitstekend :-)!


‘s Avonds om 19.00 uur kom ik helemaal kapot aan bij camping La Fargassa.

Daar word ik luid toegejuicht door Alain, Daniel en Marco, die al lang en breed aangekomen zijn.

Ik ben zo ontzettend moe, helemaal stuk van de hele weg maar door buffelen. Ik kan wel huilen van moeheid. Meteen vraag ik of ik nog een extra nacht kan blijven. Het idee dat ik over 13 uur alweer verder moet lopen – de volgende zware etappe – voelt als absurd.

Gelukkig heb ik gereserveerd om mee te eten, zodat ik niet ook nog hoef te koken. Ik raak in gesprek met Albert, een Nederlander die de HRP aan het lopen is (ter herinnering: de ‘Haute Route Pyrenéenne’, de route die net wat hoger in de bergen loopt, min of meer parallel aan de GR10)

Het is heerlijk om weer eens Nederlands te spreken en uitgebreid te kunnen lachen over alles wat we meemaken.

Grapjes volgen in het Frans is niet makkelijk, dus vaak blijft het bij wat schaapachtig meegrijnzen. Hardop lachen is er nauwelijks bij. Tijdens het wandelen loop ik regelmatig in mezelf te grinniken, over alle maffe dingen die ik meemaak, maar dat is toch iets anders dan eens uitgebreid lachen samen met iemand anders die de Nederlandse humor begrijpt.

Het eten is heerlijk, maar veel te weinig! Er komen grote schalen met hartige taart voorbij, verrukkelijk, maar het is de bedoeling dat we maar één stukje pakken. Albert en ik kijken elkaar aan: we kunnen wel minstens twee stukken op, zoniet drie. De porties zijn duidelijk niet berekend op GR10- en HRP-lopers. gelukkig heb Ik nog pinda’s, dus ik kan de maaltijd ‘s avonds in de tent nog aanvullen :-).

Morgen neem ik een rustdag hier. Ik voel me er ambivalent over. Ik ben uitgeput en mijn lichaam heeft rust nodig. Maar ik vind het erg jammer om Albert, Daniel, Marco en Alain kwijt te raken. Het is voor het eerst tijdens mijn tocht dat er een soort van vriendschappen ontstaan. Dat is toch wel heel erg leuk.

Bovendien, als ik op de kaart kijkt is de volgende etappe heel erg verlaten. Natuur, natuur, natuur, schitterend natuurlijk, maar geen dorpje of weg in de buurt. Als er iets gebeurt ben ik alleen. Zoveel mensen komen er nou ook weer niet voorbij.

En daar speelt ook nog dat er op de camping geen mobiel bereik is. Behalve als je helemaal bovenaan de weg gaat staan, op een rots klimt, dan heb je net een streepje bereik.

Dat is misschien leuk voor gestresste Nederlanders die los moeten komen van Instagram en van hun werk, en eindelijk eens aandacht moeten hebben voor hun gezin.

Maar voor mij is mobiel bereik het lijntje naar de buitenwereld. Als ik dingen wil plannen, uitzoeken, mijn blog wil schrijven, of met Steven, de kinderen, en mijn moeder wil communiceren, dan moet ik dat allemaal bovenop die rots doen – waar waarschijnlijk dan ook de helft van de camping zit die toch even Facebook wil checken.

Nou ja, met die ambivalente gedachten ga ik naar bed. Ik ben uitgeput dus val als een blok in slaap

Veel liefs!

Simone

Related posts:

GR10 – Terugblik

GR10 – Terugblik

Lieve allemaal, Ik ben nu zo’n vier weken terug van mijn GR10 avontuur, weer thuis na vele weken dagelijks wandelen,...

8 Comments

  1. Weia

    Stoomlocomotief! Puf je ook zo luid? En heb je een fluit? Cadans hetzelfde houden en niet de paslengte vind ik ook veruit het fijnst. Het is ook logisch: een been is een slinger en een slinger heeft een zeer bepaalde slingertijd en is daar ook helemaal op ingesteld. Ga je met een hoger ritme of een lager ritme lopen, dan word je moeier. Je ziet in de bergen zat mensen lopen die het anders doen, en het dus zichzelf moeilijker maken dan nodig.
    Liefs! Zet voort!

    Reply
  2. Ingrid Gorter en Renata Smits

    Indrukwekkend….

    Reply
  3. Annet Verbeek

    Mooie inzichten Simone, bijgekomen van je vrije dag?
    Je wordt steeds sterker😊

    Reply
  4. Rymke

    Wat een mooie opsomming van vragen en gedachten, Simone!

    Reply
  5. Dotty Seiter

    Simone, I sit in my home under a skylight at the moment, gray skies low and close, the air still, the day still waking up but I already have several hours awake myself. Meg and her family are heading north and will be here with us after their long drive. I have been reading U.S. Andersen’s The Magic in Your Mind, because of your mention of it some time back. And now your teachings, exquisitely expressed in your blog from your location on the GR10, arrive at my opened heart where they find a home. I am so grateful.

    Reply
  6. Eva

    Inspirerend, Simone! En je lezers lachen in elk geval wel met je mee, hoor. Mooie avonturen. Liefs!

    Reply
  7. Jasper Kamperman

    Hele mooie inzichten! Die locomotief dat doen wielrenners ook, het tempo van de benen proberen ze altijd relatief hoog te houden en relatief weinig kracht te zetten en dan hangt het van de helling af hoe hard ze gaan. Zonder zo’n cadans is het slopend.

    Reply
  8. Nienke

    Wat een mooie blog weer Simone! Bijzonder om op deze manier een beetje met je mee te lopen en leuk dat je je gedachten en belevingen deelt. En wat een prestatie! Petje af.

    Reply

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *